| (Syndroom van) De Quervain |
|
Als u lijdt aan het syndroom van De Quervain zijn uw klachten mogelijk begonnen met een doffe pijn bij de overgang van uw pols naar uw duim. In ernstige gevallen kan er op de pijnlijke plek een zwelling ontstaan. Soms treedt er juist gevoelloosheid op bovenop de duim en de wijsvinger.
AchtergrondSpieren zijn met botten verbonden via pezen. De bewegingen van de spier worden door de pees op het bot overgebracht. Om ervoor te zorgen dat de pezen niet schuren tegen dit steunweefsel en niet tegen elkaar, worden ze onder dit bandje gescheiden door een tussenschot en ieder omgeven door een soort met gelei gevuld buisje. De gelei, tenosynovium, werkt als een zacht glijlaagje waardoor iedere pees makkelijk heen en weer kan bewegen. Bij De QuervainBij het syndroom van De Quervain zijn de twee strekpezen en/of de glijlaagjes geïrriteerd. Door de irritatie ontstaat zwelling. Als het glijlaagje zwelt wordt het kokertje te nauw en gaat de pees stroef bewegen. Hierdoor raakt de pees geïrriteerd, waardoor die ook gaat zwellen en bewegen bijna niet meer mogelijk is. De irritatie wordt veroorzaakt door telkens herhalen van een beweging die u niet gewend bent of die u maar af en toe langdurig doet, bijvoorbeeld uitgebreid in de tuin werken. Het gaat dan om bewegingen als zwaar tillen, wringen of stevig beetpakken en knijpen. Het is een aandoening die veel voorkomt bij nieuwe moeders. Het telkens optillen en dragen van een baby zet de handen in ongemakkelijke posities. De hormonen die een rol spelen bij zwangerschap en borstvoeding kunnen u extra vatbaar maken. Daarnaast hebben mensen met reuma en suikerziekte ook een grotere kans op het ontwikkelen van De Quervain. Om vast te stellen dat het inderdaad om het syndroom van De Quervain gaat, is er een simpele test: de Finkelsteintest. U maakt een vuist met uw duim in de handpalm, onder de vingers. Vervolgens buigt u de pols richting de pink. De arts kan als aanvulling op deze test nog een weerstandstest met u uitvoeren. De arts zal u vragen tegendruk te geven met de duim, zowel van het lichaam af als naar het lichaam toe. Ook dit zal pijnlijk zijn. Verder onderzoek is vaak niet nodig. Soms ziet een arts toch aanleiding om nog meer zekerheid te krijgen of om een beeld te krijgen van de ernst van de aandoening. Soms wordt een echografie gemaakt. Dit onderzoek is volkomen pijnloos. Bij het adviseren van een behandeling neemt de arts de ernst en de duur van de aandoening en uw algehele gezondheid in overweging. |
Tillen en krachtig knijpen of draaien maken de pijn erger.